Troostradio: De steppe zal bloeien

De lokale kerken in Ridderkerk bieden in samenwerking met RTV Ridderkerk Troostradio: een korte, gesproken column als bemoediging en troost. Troostradio verbindt inwoners van Ridderkerk in tijden van de coronacrisis.

Troostradio wordt uitgezonden op maandag, woensdag en vrijdag 1x in de ochtend en 1x in de middag in het reclameblok vóór 11 en 18 uur.

Deze keer wordt de bijdrage verzorgd door Da. Ria Keijzer-Meeuwse van de Prot. gemeente Bolnes. Een overzicht van alle reeds uitgezonden afleveringen is op deze pagina te vinden.

Bijdrage Da. Ria Keijzer- Meeuwse van de Prot. gemeente Bolnes beluisteren, vrijdag 19 juni 2020.



Hier is Ria Keijzer – Meeuwse met een column over een lied uit de top-10 van de mooiste kerkliederen aller tijden. Het Steppelied van Huub Oosterhuis. Het is lied 608 uit het nieuwste kerkliedboek. 

De titel van het lied is ontleend aan Jesaja, die toekomstgeloof verwoordt: “De steppe zal bloeien”, de wereld zal worden herschapen, aan onvrijheid komt een einde”.  Oosterhuis (en vele anderen) lieten zich erdoor inspireren. 

Het zijn de beelden in het lied, die spreken:   

De steppe (de woestijn). Dat is een plek van onbeschermdheid en afhankelijkheid: komt er voedsel, water, zorg, uitzicht? Wat geeft je daar vertrouwen en hoop?

Ballingen; dat woord linkt naar de Babylonische ballingschap, van 587 tot 538 voor Christus. Er kwam een einde aan, o.a. dankzij de Perzische koning Cyrus. De ballingen “keerden”. Ze mochten de tempel in Jeruzalem weer herstellen en op weg naar huis namen ze geschenken mee; vandaar vermoedelijk die “blinkende schoven”.

Schoven! Als er schoven zijn, dan zijn schaarste en onzekerheid voorbij. Dan is er oogst, en oogst garandeert voorraad voor de winter en voor mindere tijden. Het lied zegt: “Het volk, dat zaaide in tranen, keert terug met lachen en juichen”. Reden voor feest! De joodse feesten grijpen hierop terug: God bevrijdt (dat is Pesach), God voorziet (dat is het Loofhuttenfeest), God wijst de weg wijst naar een vruchtbaar leven, via de Wet en via Zijn inspiratie (dat is Pinksteren). 

Ze komen in dit lied bij elkaar: de trouw van God, de verbondenheid met elkaar en onze verantwoordelijkheid voor een mooiere wereld. Het lied geldt iedereen. Het is waar voor hen die “onder stenen bedolven” raakten (een term uit het lied), voor hen die ervaren dat hun bronnen opgedroogd raken en voor hen die onvrij zijn.   

Water. Een dubbel symbool: het staat zowel voor de dood als voor de bron van leven. Mozes sloeg op de rots toen het ‘op’ was in de woestijn. Er was dorst en gemor. Dat is van alle tijden en vast en zeke ook voor u herkenbaar: soms moet je er hard voor werken, op de rotsen slaan, om nieuwe wegen te vinden als onheil je treft. Soms verschijnt er iemand – een rots op je pad – en ga je weer “tintelend stromen”.  

De dood. Het Steppelied werkt het woord niet uit. Dit is het: Wat dood is herleeft. Of en hoe, dat is een geheim, een kwestie van persoonlijk geloof! 

Het slot van het lied treft me: we worden hier persoonlijk binnengetrokken in het lied. Eerst gaat het om anderen of om vroeger. Nu zijn we zelf aan zet: wij zullen opstaan. Maar eerst zullen we horen. We zullen dus eerst en vooral oplettend zijn en nagaan of er iemand wenkt en roept. Wellicht om hulp, om liefde en aandacht, om actie, om een offer, om solidariteit, om protest, om nieuwe bewustheid bij wat er in je leefomgeving gaande is, zoals racisme. We moeten het eerst horen en dan zullen we, dan moeten we, opstaan. 

De Steppe zal boeien. Maar daarbij hoeft gelukkig niet alles van de mens te komen. God schept “het licht van de morgen”. “Een hand zal ons wenken, een stem zal ons roepen, maar  ‘Ik (zegt God via Jesaja), Ik open hemel en aarde en afgrond. En wij zullen horen, en wij zullen opstaan en lachen en juichen en leven!”. De steppe zal bloeien. Daarin zit verwachting, vertrouwen en voornemen. Geloof in verandering en in veranderbaarheid. Lied 608, ik vind het een prachtig levenslied!

Ging het u te snel? Zoek dan de column op via Troostradio of ga naar de website van de Levensbron, de Opstandingskerk of de protestantse gemeente te Bolnes, waar ik werkzaam ben.